Familie

Familie

Veel Amsterdamse families lieten zich vereeuwigen door Merkelbach

Bekijk foto's
Mode

Mode

De mode en de modellen door de lens van Merkelbach

Bekijk foto's
Theater

Theater

Acteurs, dansers en andere performers uit het illustere Amsterdamse theaterleven

Bekijk foto's
Beroemd

Beroemd

Van de statige koningin Wilhelmina tot de wulpse Mata Hari

Bekijk foto's
Reclame

Reclame

Reclamebeelden uit begin 20ste eeuw voor o.a. Philips, C&A en Boldoot

Bekijk foto's
Bekijk direct de hele collectie

Resultaat

Resultaten 1 - 4 van 13
Sorteer resultaten

  1. Charlotte Jacobs


    Myriam Everard
    Deze twee foto's van Charlotte Jacobs (Sappemeer 1847-Den Haag 1916), Nederlands eerste vrouwelijke apotheker, zullen, afgaand op haar kleding, bij dezelfde gelegenheid gemaakt zijn als de andere twee van haar in deze collectie, die zich inmiddels in het Joods Historisch Museum bevinden. Het JHM dateert ze op ca 1913, dat is kort nadat zij uit Indië was teruggekeerd, waar zij het grootste deel van haar werkzame leven doorbracht. Meer over haar in het Digitaal Vrouwenlexicon Nederland: www.historici.nl/Onderzoek/Projecten/DVN/lemmata/data/CharlotteJacobs
    Lees het hele verhaal

  2. Anna Maria van Gogh-Kaulbach (1869-1960)


    Ingrid
    Ferdinand Domela Nieuwenhuis, dominee te Beverwijk, behoorde tot de kennissenkring van het gezin Kaulbach. Uit haar vroege jeugd herinnerde Van Gogh-Kaulbach zich op het eind van haar leven vooral Domela's 'hond, een New Foundlander, waar ik op mocht zitten'. Het werkelijke contact met het socialisme kwam pas later, na de kennismaking met haar toekomstige echtgenoot, een neef van Vincent van Gogh. Samen met hem werd zij meteen na de oprichting in 1894 lid van de SDAP. Tevens was zij actief in de vrouwenrechtenbeweging en streed zij voor vrouwenkiesrecht. Zij was aangesloten bij de Nederlandse Bond voor Vrouwenkiesrecht. Zij begon aan een literaire carrière die werd gekenmerkt door een grote productiviteit (ruim honderd romans, toneelstukken, verhalen, kinderboeken, reis-verslagen en vertalingen). Ondanks het lidmaatschap in 1919 van de Bond van Revolutionair-Socialistische Intellectueelen betekende 'het socialisme' tot het begin van de jaren dertig voor Van Gogh-Kaulbach de sociaal-democratie van de SDAP. In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog verschoof haar sympathie - waarschijnlijk omdat zij zich daar met haar pacifistische en anti-nationaal-socialistische houding meer thuis voelde - in de richting van de Communistische Partij in Nederland (CPN), wat tot het einde van haar leven zo zou blijven. Van een partijlidmaatschap is niets bekend, zij beperkte zich tot het ondertekenen van oproepen (maar ook van niet-communistische organisaties), het plaats nemen in het Comité van Aanbeveling van het Centraal Wuppertal Comité, dat steun probeerde te geven aan vervolgden in Nazi-Duitsland, en het zich aansluiten bij het Kunstenaars-Centrum voor Geestelijke Weerbaarheid. Aan het Amsterdamse congres van het Kunstenaars-Centrum in 1936 nam zij deel. In 1937 schreef zij een voorwoord bij een Multatuli-bloemlezing die CPN-uitgeverij Pegasus uitgaf. Tijdens de Duitse bezetting sloot zij zich niet aan bij de Kultuurkamer en bood zij onderdak aan een aantal mensen, onder wie Leendert en Brecht van den Muijzenberg. Na 1945 zag men 'haar naam nog al eens bij de sympathiserenden met het communisme', aldus Het Parool in 1949. Zij leende haar naam aan allerlei oproepen, onder meer van de CPN, het Comité voor de viering van de Internationale Vrouwendag en ten gunste van de vrede. Van Gogh-Kaulbach was lid van de Nederlandse Vredesraad en erevoorzitster van de Nederlandse Vrouwenbeweging (NVB). In het NVB-orgaan Vrouwen voor vrede en opbouw maakte zij in een nieuwjaarswens voor 1956 duidelijk wat de leidraad zeker van haar laatste levensjaren was: 'dat wij nader mogen komen tot een wezenlijke Vrede'. Bron: iisg.nl
    Lees het hele verhaal

  3. Charlotte Jacobs


    Ingrid
    JACOBS, Charlotte (geb. Sappemeer 13-2-1847 – gest. Den Haag 31-10-1916), eerste apothekeres van Nederland, feministe. Dochter van Abraham Jacobs (1817-1881), heel- en vroedmeester, en Anna de Jongh (1817-1887). Charlotte Jacobs bleef ongehuwd. Charlotte Jacobs groeide op als vijfde kind in het joodse gezin Jacobs. Na haar kwamen nog drie broers en drie zusters. Twee van deze zusters, Aletta Henriëtte en Frederika (1857-1896) slaagden erin zich al jong los te maken van de strenge conventies die het leven van meisjes in de negentiende eeuw bepaalden. Aletta werd in 1871 toegelaten tot de medicijnenstudie aan de Groningse Hogeschool, Frederika doorliep de driejarige HBS in Sappemeer en behaalde achtereenvolgens de akte voor hulponderwijzeres (1875) en de middelbare aktes wiskunde en boekhouden (1880). Charlotte Jacobs was ook actief in de vrouwenbeweging. Op 18 december 1908 richtte zij met E.J. Heuvelink-Rotgans en de schrijfster Marie C. Kooij-van Zeggelen een afdeling op van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Omdat het recht op vereniging in Indië tot 1915 niet was erkend, noemde de afdeling zich ‘ledengroep’, met aanvankelijk 86 leden. Dat aantal liep op tot 122 in 1909, waaronder enkele heren. Jacobs trachtte ook het onderwijs voor Indische meisjes te verbeteren. Daarbij ondervond ze veel steun van de links-liberaal C.Th. van Deventer, rechterlijk ambtenaar en advocaat, en diens vrouw E.M.L. Maas. Samen met haar en Marie van Zeggelen stichtte Jacobs in 1912 de Vereeniging Steun Onderwijs Vrouwelijke Inlandsche Artsen (SOVIA), die bewerkstelligde dat meisjes de colleges konden bijwonen van de in 1851 opgerichte School tot Opleiding van Indische Artsen (Stovia). Met de SOVIA zette ze zich ook in voor de oprichting van de verpleegstersopleiding Boedi Kemoelian in Batavia. In 1912 trok Charlotte Jacobs zich terug uit de apotheek. Tot haar spijt slaagde ze er niet in een vrouwelijke opvolger te vinden. Ze vertrok naar Den Haag en werd actief in de Nederlandse vrouwenbeweging, als bestuurslid van de Haagse afdeling van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (1914-1916) en in de vrouwenvredesbeweging. Op de vijfjaarlijkse bijeenkomst van de Internationale Vrouwenraad van mei 1914 in Rome was ze plaatsvervangend afgevaardigde voor Nederland. Charlotte Jacobs overleed op 31 oktober 1916 in Den Haag, 69 jaar oud. Bron: Historici.nl
    Lees het hele verhaal

  4. Charlotte Jacobs


    Ingrid
    JACOBS, Charlotte (geb. Sappemeer 13-2-1847 – gest. Den Haag 31-10-1916), eerste apothekeres van Nederland, feministe. Dochter van Abraham Jacobs (1817-1881), heel- en vroedmeester, en Anna de Jongh (1817-1887). Charlotte Jacobs bleef ongehuwd. Charlotte Jacobs groeide op als vijfde kind in het joodse gezin Jacobs. Na haar kwamen nog drie broers en drie zusters. Twee van deze zusters, Aletta Henriëtte en Frederika (1857-1896) slaagden erin zich al jong los te maken van de strenge conventies die het leven van meisjes in de negentiende eeuw bepaalden. Aletta werd in 1871 toegelaten tot de medicijnenstudie aan de Groningse Hogeschool, Frederika doorliep de driejarige HBS in Sappemeer en behaalde achtereenvolgens de akte voor hulponderwijzeres (1875) en de middelbare aktes wiskunde en boekhouden (1880). Charlotte Jacobs was ook actief in de vrouwenbeweging. Op 18 december 1908 richtte zij met E.J. Heuvelink-Rotgans en de schrijfster Marie C. Kooij-van Zeggelen een afdeling op van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht. Omdat het recht op vereniging in Indië tot 1915 niet was erkend, noemde de afdeling zich ‘ledengroep’, met aanvankelijk 86 leden. Dat aantal liep op tot 122 in 1909, waaronder enkele heren. Jacobs trachtte ook het onderwijs voor Indische meisjes te verbeteren. Daarbij ondervond ze veel steun van de links-liberaal C.Th. van Deventer, rechterlijk ambtenaar en advocaat, en diens vrouw E.M.L. Maas. Samen met haar en Marie van Zeggelen stichtte Jacobs in 1912 de Vereeniging Steun Onderwijs Vrouwelijke Inlandsche Artsen (SOVIA), die bewerkstelligde dat meisjes de colleges konden bijwonen van de in 1851 opgerichte School tot Opleiding van Indische Artsen (Stovia). Met de SOVIA zette ze zich ook in voor de oprichting van de verpleegstersopleiding Boedi Kemoelian in Batavia. In 1912 trok Charlotte Jacobs zich terug uit de apotheek. Tot haar spijt slaagde ze er niet in een vrouwelijke opvolger te vinden. Ze vertrok naar Den Haag en werd actief in de Nederlandse vrouwenbeweging, als bestuurslid van de Haagse afdeling van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (1914-1916) en in de vrouwenvredesbeweging. Op de vijfjaarlijkse bijeenkomst van de Internationale Vrouwenraad van mei 1914 in Rome was ze plaatsvervangend afgevaardigde voor Nederland. Charlotte Jacobs overleed op 31 oktober 1916 in Den Haag, 69 jaar oud. Bron: Historici.nl
    Lees het hele verhaal

Red een portret